Homepage Oefentherapie Sport oefentherapie

Sport oefentherapie

Mensen lopen, gaan zitten, staan op. Mensen bukken, tillen, springen. Niet iedereen gebruikt bij dezelfde bewegingen dezelfde spieren in dezelfde mate. Iedereen ontwikkelt onbewust zijn of haar, niet altijd optimale individuele houdings- en bewegingsgewoonten.

Sporters en bewegingen..

Sporters maken dezelfde bewegingen als niet sporters in het algemeen en dagelijkse leven:

- Bukken:    skiën, schaatsen, hockey, golf of roeien 
- Tillen:       krachttraining, fitness, judo, gewichtsheffen.
- Lopen:      atletiek, zaal- en veldsporten
- Reiken:     racketsporten, hand, volley- en basketbal
- Zitten:       paardrijden, wielrennen, auto- en motorsport 
- Rennen:    voetballers, basketballers
- Springen:  volleybal, atletiek, turnen
 
Echter sporters gebruiken hun lichaam intensiever en bevorderen hierdoor hun goede, maar ook hun eventuele verkeerde houdings- en bewegingsgewoonten, waardoor klachten kunnen ontstaan, de fouten die gemaakt worden tijdens de dagelijkse bewegingen ziet men vaak (zelfs versterkt) terug tijdens de sportbeoefening.






Werkwijze:

Als de sporter bij mij komt met chronische klachten (langer dan 12 weken bestaand) wordt er gedaan:

1. Vraaggesprek: klachten analyseren

2. Onderzoek naar:
    - houding en bewegen
    - mobiliteit
    - soepelheid spieren, kracht- en "lengte" 
    - ademhaling

De therapeut observeert en analyseert het houdings- en bewegingspatroon tijdens dagelijkse bewegingen en sportbewegingen. 

Behandelplan:
Tijdens de therapie wordt er gewerkt aan

- Het  leren ontwikkelen van een mogelijk ander houdings- en bewegingspatroon in het
  algemeen dagelijks leven volgens de Cesarprincipes + bij sporten
- Kracht
- Efficiënt spiergebruik
- Spier "lengte"/(ont)spanning
- Ademtechniek, ontspanning
- Coördinatie in het bewegen, maar ook de juiste coördinatie tussen spieren

Doel: 
1.  Voorwaarden scheppen dat u zelf komt tot een ander en klachtenvrij bewegen en hiermee klachten toename naar de toekomst toe te voorkomen, uitgaande van ieders (strikt persoonlijke) bewegingsmogelijkheden rekening houdend met de tak van sport (sportspecifieke bewegingstechnieken) en het niveau van de sportbeoefening (belastingsintensiteit).

2. U als sportbeoefenaar bewust maken van de niet optimale bewegingsgewoonten en vervolgens een andere, gezonde manier van bewegen aanleren, intrainen en automatiseren. Bewegingen worden "goed" genoemd als oa. spieren daarbij optimaal samenwerken en daarbij de gewrichten op de juiste manier worden belast.